Auteur archieven: seoc
Santana Kolebra Bèrdè, nieuws
NIEUW BOEK, NIEUWE STICHTING, NIEUWE HERDENKING
Op 1 juli 2026 herdenkt de dit jaar opgerichte Stichting Eerherstel Nazaten Slaafgemaakten Santana Kolebra Bèrdè (SENS-SKB) de Afro-Curaçaoënaars die anoniem begraven liggen op Santana Kolebra Bèrdè te Willemstad, Curaçao. Ter gelegenheid van deze herdenking geeft voorzitter Nizaar Makdoembaks een studie uit over de geschiedenis van deze begraafplaats.
Monumento Nashonal Santana Kolebra Bèrdè te Kas Chikitu is niet altijd de monumentale begraafplaats geweest die het nu is. In de slavernijtijd lag hier een plantage, later een cultuurtuin die moest helpen armoede te bestrijden.

In 1929 legde men op deze locatie een openbare begraafplaats aan die bekend kwam te staan als ‘het kerkhof van de schande’. Na de sluiting ervan in de jaren 60 verwaarloosde men de plek. De natuur overgroeide de honderden graven van onbekende mensen, onder wie vele nazaten van slaafgemaakten – arme Afro-Curaçaoënaars die men alleen een laatste rustplek gunde tussen zondaars, ongelovigen en ongedoopten – en andere personen die de koloniale samenleving onwelgevallig waren, zoals de slachtoffers van de Aprilmoorden of Matansa 20 abril.
Op 20 april 1942 richtten overheid en CPIM een bloedbad aan bij een poging een vreedzame staking van 400 Chinese zeelieden te breken. De doden begroef men snel en anoniem in een massagraf op Kolebra Bèrdè. Dit drama kwam in 2003 opnieuw onder de aandacht via de toen mede door Makdoembaks opgerichte Stichting Eerherstel Oorlogsslachtoffers Curaçao (SEOC). De SEOC en Makdoembaks vochten decennia voor erkenning van de Chinese slachtoffers. Tegelijkertijd lieten zij de begraafplaats grondig renoveren en door bisschop Mgr. Luis Secco alsnog wijden. In 2012 erkende de Curaçaose regering officieel de slachtoffers en riep de begraafplaats uit tot nationaal monument.
“Nu is de tijd gekomen om aandacht te vragen voor de andere hier anoniem begraven personen,” aldus Makdoembaks. Het achterhalen van wie er allemaal op Santana Kolebra Bèrdè begraven liggen, is een doorlopend onderzoek. In dit boek beschrijft de auteur de geschiedenis van deze historische locatie in de periode van 1758 tot 2026. Daarnaast maakt hij een begin met het openbaar maken van de tot op heden bekende identiteiten van aldaar begraven personen. Daartussen, en zeker ook tussen de honderden graven van nu nog onbekende doden, bevinden zich veelal arme Curaçaose nazaten van slaafgemaakten.
Bestel een fysiek exemplaar van het boek hier, of
download een pdf (lage resolutie) van het boek hier.
Herdenking Aprilmoorden 2026 – video en foto verslag
Op 20 april jl. vond de jaarlijkse herdenking plaats van de Aprilmoorden, ofwel de Matanza 20 de April 1942. Op een middelbare school in Willemstad was een uitgebreide herdenkingsbijeenkomst en daarnaast werden door de Curaçaose overheid en de SEOC kransen gelegd, zowel op Santana Kolebra Bèrdè, als bij het monument te Suffisant.








Fotoverslag boekpresentatie ‘Corruptie in Suriname’
Afgelopen 10e februari presenteerde Nizaar Makdoembaks zijn laatste historisch onderzoek, het boek Corruptie in Suriname, Een erfenis van het Nederlands kolonialisme.
Dit gebeurde in het Nationaal Archief van Suriname te Paramaribo onder grote belangstelling. Aan het woord kwamen historica en publiek herinneraar Mildred Caprino, diplomaat en politica mw. Angelic de Castillo en econoom, vakbondsleider en activist Armand Zunder, naast natuurlijk de heer Makdoembaks zelf, die na de presentatie en het vragenrondje ook exemplaren signeerde.












Nieuw boek Makdoembaks: ‘Corruptie in Suriname’
Waar mensen verschijnen, duikt corruptie op. Onvermijdelijk. Geen wonder dat Nizaar Makdoembaks tijdens zijn jarenlange onderzoekingen in archieven in Nederland en Suriname bijzonder veel corruptie is tegengekomen. Van kleine vergrijpen tot aan malversaties op hoog niveau, waarbij de menselijke integriteit constant aan erosie onderhevig is.
De centrale vraag in zijn nieuwste boek luidt: is de corruptie in Suriname een erfenis van de koloniale overheersing door Nederland? Sommigen zijn van mening dat er na de onafhankelijkheid nieuwe, autonome vormen zijn ontstaan. Voor beide stellingen valt iets te zeggen, maar wat dit boek toont, is dat men ze niet los van elkaar kan zien. Alle vormen van corruptie die Suriname kende en kent, zijn verbonden en verweven met de heersende bestuurscultuur. En die is onmiskenbaar gevormd ten tijde van en door de koloniale overheersing.

Van meet af aan was het koloniale bestuur doordrenkt van belangenverstrengeling, dubbele standaarden, zelfverrijking en vormen van corruptie die men in Nederland zelf nimmer zou tolereren.
De auteur biedt een overzicht van de diverse verschijningsvormen van corruptie in de periode 1880-1956, maar wijst ook verder terug, tot aan de dagen van gouverneur Van Aerssen van Sommelsdyck. Het koloniale gouvernementssysteem creëerde een institutionele cultuur waarin normschendingen aan de orde van de dag waren. Sociale positie bepaalde het risico op consequenties: sommige lagere ambtenaren werden hard bestraft voor relatief kleine vergrijpen, terwijl invloedrijke personen bescherming kregen of zelfs een beloning ontvingen. Dit had soms dramatische gevolgen: casussen van lager geplaatste ambtenaren die suïcide pleegden uit schaamte staan lijnrecht tegenover riante regelingen met eervol ontslag voor frauderende hogere ambtenaren. De kern van het systeem was een fundamentele ongelijkheid in de toepassing van normen, wetten en sancties. Zo legde de koloniale tijd de basis voor de bestuurscultuur waarmee Suriname zich als onafhankelijke natiestaat ontwikkelde en waarbinnen vriendjespolitiek en corruptie onverminderd welig kunnen tieren.
Het boek is te koop via alle bekende online verkoopkanalen voor boeken. Een gratis digitale versie in lage resolutie is beschikbaar voor downloaden op de downloadpagina van deze website.
Foto’s boekpresentatie Fernandes slavernij studie
Op 22 mei 2025 vond in het auditorium van het Nationaal Archief Suriname te Paramaribo de presentatie plaats van het nieuwste boek van Nizaar Makdoembaks, ‘Een geschiedenis van de Joodse familie Fernandes en hun slaven‘, dat in april van dit jaar verscheen. Met 90 aanwezigen waaronder de ambassadeur van Frans-Guyana en diens echtgenote was het een druk bezochte aangelegenheid. De bijeenkomst werd gepresenteerd door de onderdirecteur van het NAS, mw. Hofwijks-Koenders, en het boek werd besproken door de auteur zelf en historicus Mildred Caprino. Zie hieronder een summier beeldverslag:






AANKONDIGING – Boekpresentatie historisch onderzoek familie Fernandes
Op 22 mei 2025 vindt in Paramaribo de presentatie plaats van de jongste publicatie van Nizaar Makdoembaks, EEN GESCHIEDENIS VAN DE JOODSE FAMILIE FERNANDES EN HUN SLAVEN

De Aprilmoorden herdenking 2025 in foto’s
Dit jaar viel de jaarlijkse Aprilmoorden herdenking tegelijk met Pasen, daarom koos de SEOC voor een summiere bijeenkomst een dag eerder, op 19 april jl. Onder de genodigden bevonden zich onder meer twee medewerkers van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport (OWCS) te weten mw. Corine Clementia Blom en mw. Sambo-Velder en de voorzitter van de vakbond STrAF, Juan Lourens. Namens de SEOC waren onder meer Wim van Lamoen en Randall Brute aanwezig.










Juan Lourens (STrAF ) en Wim van Lamoen (SEOC) legden ook een krans bij het standbeeld van Louis Doedel.

Aprilmoorden herdenking 2025 in AMIGOE
De dit jaar summiere herdenking werd in verband met Pasen gehouden op zaterdag 19 april, op de begraafplaats Kolebra Bèrdè; zie hier het bericht in Amigoe van 19-4-2025:

Nieuwe boek van Makdoembaks over Fernandes gepubliceerd
Met zijn nieuwste publicatie – Een geschiedenis van de Joodse familie Fernandes en hun slaven – Voorspoed en tegenslag tijdens en na de slavernij in Suriname – duikt auteur Nizaar Makdoembaks opnieuw in een bijzonder stuk Surinaamse slavernijgeschiedenis. Hij onderzocht de geschiedenis van de familie Fernandes en hun slaven. Daarbij kwam onder meer in beeld hoe de grootouders van Isaak de slaven nog behandelden zoals door de eeuwen heen gebruikelijk was: als vee of werktuigen. Hun kinderen echter – de ouders, ooms en tantes van Isaak – gingen daar rond de afschaffing van de slavernij anders mee om.

Van direct fortuin uit de slavernijtijd bleek voor de telgen Fernandes geen sprake. En tot op de dag van vandaag kan het concern bogen op een sociaal imago met hart voor haar werknemers. De algemene geschiedenis is altijd verweven met persoonlijke levensverhalen. Een voortdurende wisselwerking. Zo speelde en speelt de Portugees-Joodse familie Fernandes een vooraanstaande rol in de Surinaamse samenleving. Hun voorvaderen waren actief als bakkers, handelaren en plantagehouders. De familie was dus al goed ingebed in de Surinaamse economie toen Isaak Fernandes (1866) het concern Fernandes oprichtte en uitbouwde, daarbij geholpen door zijn zoon Jule, die in 1938 een lucratieve licentie voor Coca-Cola wist binnen te halen.
Zoals zo vaak levert historisch onderzoek ook bijzondere bijvangsten op. Makdoembaks reconstrueert niet alleen hoe het de slaven van Fernandes rond de afschaffing verging, hij volgt ook de levensgeschiedenissen van enkelen van hen en hun nazaten in de decennia na de afschaffing. Dit doet hij aan de hand van slavenregisters, manumissieregisters en de archieven van de burgerlijke stand. Daarbij ontvouwt zich een breed scala aan levenslopen vol tragiek – door kindersterfte en armoede – en sporadisch succes. Het is van belang dat nader onderzoek meer licht werpt op die verhalen, want de slaven zijn in feite de wortels van de veelkleurige, hedendaagse Surinaamse samenleving.
Zie ook het artikel in Starnieuws van 9 april 2025.